PDF-versie voor persoonlijk gebruik

Recensie Lohengrin ★★★★

zondag 6 mei 2018De Munt Brussel

Lohengrin
Foto: Baus

Staande ovatie voor de allerlaatste opvoering van Lohengrin wanneer dirigent Alain Altinoglu zijn applaus in ontvangst neemt en komt buigen voor koor en orkest van de Munt die naast de solisten een fenomenale prestatie neerzetten. De tweede cast zagen we aan het werk, maar in niets was dat te merken. Zo hoort het trouwens wanneer een productie beroep doet op een tweede cast of understudies: de kwaliteit moet steeds gegarandeerd zijn. De Canadese tenor Joseph Kaiser zagen we dus uitblinken in de titelrol en tevens zijn roldebuut als Lohengrin, de graalridder die voor zijn vader Parsifal werkt, maar zijn naam niet mag zeggen anders verliest hij zijn heilige kracht, een bovenaardse macht: ‘Maar zo verheven is de Graal z’n zegen dat hij, gekend, van ’t lekenoog moet vluchten. Gij moogt daarom niet aan de ridder twijf’len. Kent gij zijn naam, dan moet hij van u gaan.’ Net dat geheim wil Elsa von Brabant (feilloos gezongen door de Amerikaanse sopraan Meagan Miller in een rol- én Muntdebuut) toch te weten komen, wat haar ondergang zal inluiden en dan ook het vertrek van Lohengrin betekent. Friedrich von Telramund (de Duitse basbariton Thomas Jesatko die wist te overtuigen in zijn Muntdebuut) slaagt erin de twijfel aan te wakkeren bij Elsa rond Lohengrins naam, stand en eer ook al omdat de ridder plots kwam opdraven dankzij tovenarij. Ortrud (knap neergezet door de Duitse sopraan Sabine Hogrefe in haar Muntdebuut) houdt dan weer haar geheim tot het allerlaatste achter de hand, zij is het die achter de verdwijning zit van Elsa’s broer Gottfried. Terwijl in het eerste bedrijf von Telramund Elsa zelf verdenkt van broedermoord. Met hem ging ze wandelen in het bos, maar zonder hem kwam ze terug thuis.

4,5 uur duurt Lohengrin, inclusief twee keer 25 minuten pauzes. Het minste wat je dus kan zeggen dat Wagner zijn tijd neemt om het verhaal te vertellen in deze opera die in 1850 het levenslicht zag. De Goden worden er dan ook meermaals bijgehaald en dus mag Leen Van der Roost haar harp meermaals bespelen terwijl de houtblazers onder andere ook te horen zijn. Wagner eindigt trouwens steeds majesteus elk bedrijf met een heerlijk aanzwellend orkest. Verder is de alombekende Bruidsmars – het ‘Daar komt de bruid’-deuntje – te horen in het derde bedrijf.

Regisseur Olivier Py trekt de kaart van het nationalisme in deze voorstelling waarin we een kapotgeschoten theater zien, als resultaat van de oorlog naast andere symbolen zoals de adelaar van het nazisme, het Keltische kruis (tevens het symbool van neo-nazisme) en de reiskoffers van de jodenvervolging. Voor de opera start, legt ie ook uit waarom hij hiervoor koos. Volgens hem was Wagners werk profetisch over het nationalisme, zat ie mee achter een antisemitische tekst in 1850 (Das Judenthum in der Musik), ademt hij Duitsland uit én het idee van een suprematie van een ras boven alle andere, was Hitler bevriend met Wagners nakomelingen, werd ‘Mein Kampf’ op briefpapier geschreven van Wagners schoondochter, wordt net in Lohengrin het beeld van een groot eengemaakt Duitsland (Germania) opgeroepen en is het dan ook niet voor niets dat de nazi’s fan waren van Wagners werk, en dat kaapte. Voor de regiekeuze valt dus zeker iets te zeggen, waarbij een kind, de in dit geval omgebrachte Gottfried, de broer van Elsa, opgevoerd wordt die samen met een breakdancer de oorlog ensceneert (een houten kapstok wordt bijvoorbeeld een Kalasjnikov). Verder kiest Py consequent voor zwart, grijs en wit als hoofdkleuren.

Maar de voorstelling haalt ook letterlijk behoorlijk wat clichés boven. Zo zien we het kamp van Ortrud/von Telramund de dobbelstenen werpen. Een letterlijke uitbeelding van ‘de teerling is geworpen’ is dat. En in het laatste bedrijf zien we ‘het is vijf na 12’ afgebeeld op een klok waarbij Lohengrin later een van de wijzers gebruikt om von Telramund volledig uit te schakelen. Eerder won Lohengrin het al van von Telramund. Op het toneel in het toneel kiest Py voor een letterlijke lezing waarbij de aanhangers van beide partijen de strijd met elkaar aangaan terwijl de twee opponenten zelf voor een partijtje schaak gaan. Op een bepaald moment heeft von Telramund twee lopers van Lohengrin, terwijl die laatste er maar een heeft van de ander. Plots neemt Lohengrin de koning van von Telramund die zich gewonnen geeft en zich lijkt neer te leggen bij zijn verlies. Letterlijk gelezen suggereert Py hier dat Lohengrin vals zou gespeeld hebben wat niet strookt met de reactie van zijn tegenspeler. Om kort te gaan: mits het advies van professionele schakers in te winnen, zou Lohengrin het spelletje kunnen winnen op een veel geloofwaardigere en correctere manier na enkele zetten van beiden en dat binnen het daarvoor voorziene tijdsbestek. Wat je nu te zien kreeg, was niet alleen ongeloofwaardig (wellicht ook om tijd te winnen), het strookt niet met de rest.

Py kiest daarnaast voor toneel in het toneel, wat de laatste tijd naar onze mening te veel gedaan wordt in de Munt. Recent nog in Cavalleria Rusticana en Pagliacci trouwens. Hier zien we de regisseur een eresaluut geven aan de trekkenwand, de technici die toneeldoeken op en naar beneden trekken met koorden. Het kind dat Gottfried, de dode broer van Elsa speelt, laat het scherm van zijn tablet reflecteren met het licht om zo het publiek wat te plagen. Hiermee wil de regisseur het publiek letterlijk een spiegel voorhouden en verblinden. Die spiegel voorhouden, zien we trouwens ook in het koor dat plaatsneemt op de balkons van de kapotgeschoten theaterzaal die het decor vormt. Een decor dat overigens op een draaiend podium staat. Later zien we mensen de scherven van de kapotte ramen in emmertjes doorgeven aan elkaar als symbool voor de veerkracht van een volk dat wat vernietigd is, terug zal opbouwen.

Py haalt ook het gedicht Todesfuge van Paul Celan boven dat doet herinneren aan de holocaust: ‘Der Tod ist ein Meister aus Deutschland’ staat op een van de muren in witte verf getekend tijdens het eerste bedrijf. In het begin van het derde bedrijf wordt de tekst met wit krijt op een klassiek theaterdoek waarbij we bomen, een meer en een volle maan zien, geschreven. ‘Er woont een man in dit huis. Je goudblonde haar Margarete. Je asgrauwe haar Sulamith. Hij speelt met de slangen. Hij roept speel de dood eens wat zoeter. De dood is een meester uit Duitsland. Hij roept strijk de violen wat triester. Dan stijg je als rook naar de hemel. Dan krijg je een graf in de wolken. Daar ligt men niet krap.’

Lohengrin was overigens ook de allerlaatste productie voor Ignard Ditewig na een carrière van 35 jaar bij het koor van de Munt. ‘Iemand die uit Nederland komt en toch er steeds in slaagde om als eerste aanwezig te zijn op de repetities’ loofde de Franse dirigent Alain Altinoglu het koorlid die hem daarvoor in de bloemetjes zette en hem mee liet buigen met de solisten. Mooi gebaar dus en niet meer dan terecht dat loyauteit aan een artistiek huis bedankt én beloond wordt met een laatste zinderend applaus.

We onthouden dus een muzikaal ijzersterk Lohengrin dat gecoproduceerd werd met de opera Australië (Melbourne) en Théâtre du Capitole (Toulouse), al hadden we op vlak van regiekeuzes toch links en rechts wat bedenkingen.

< Bert Hertogs >


Do you like our reviews and pictures?
Feel free to support concertnews.be by sharing this page or giving a donation.
You make an independent website like ours possible. Thanks!







Geef steeds in je comment mee op welk artikel je reageert.
Please put in your comment to which article you are responding.

Tabs Concertnews.be

News
Soon
Reviews

More news