PDF-versie voor persoonlijk gebruik

Recensie De sunshine boys ★★★1/2

zaterdag 25 juli 2020Middelheimlaan 63 Antwerpen

De

14 jaar geleden speelde Comp. Marius De Sunshine Boys van de Amerikaanse auteur Neil Simon al. Nu herneemt het gezelschap die met dezelfde cast. Kris Van Trier is Willy Clark, Herwig Ilegems Al Lewis. Samen vormden Clark en Lewis 48 jaar lang het komische duo De sunshine boys. Maar veel zonneschijn schiet er niet meer over nadat de jarenlange ergernissen zich opgestapeld hebben. Clark verwijt Lewis dat ie altijd zat te ‘stoempen’ met zijn vinger en zo in zijn huid porde waardoor ie lang een blauwe plek had en pijn, om maar te zwijgen van de vele zinnen van Lewis waar een ‘t’ in zat waardoor ie speekte. Seniel vindt ie hem ook, terwijl het net Clark is die namen niet kan onthouden.

Heerlijk dat Van Trier dat beklag in de huidige coronacontext omzet en updatet door Ilegems aan te manen om tekst te schrappen waar te veel t’s in zitten zoals ‘tijd om geld te storten in de belastingen’, of anders een mondmasker te dragen als ie dat toch wil behouden. De theatertekst kent opvallend weinig hyperbolen als stijlfiguur, waar Van Trier nochtans in excelleert, zo zagen we recent in Sit-Down Comedy #1. In deze voorstelling draaft ie heerlijk door op het speken van zijn tegenspeler waarmee je volgens hem als je het speeksel zou samenvoegen dat zijn personage meer dan 40 jaar te verwerken kreeg ‘een Olympisch zwembad mee zou kunnen vullen’ en stelt dat er avonden waren waarbij hij vreesde dat ie zou verdrinken. Niet dat Clark geen compliment heeft voor Lewis hoor, maar dat brengt ie met een scherp randje in de heerlijke quote: ‘Als acteur kwam niemand in zijn buurt. Als mens wou niemand in zijn buurt komen.’

Die situatiehumor omgebogen naar 2020 konden we dus al met al nog het best van al smaken. Al had Comp. Marius daar wat ons betreft nog veel verder in mogen gaan en meer mogen freewheelen met de tekst die toch alweer dateert van 1972, de film is dan weer al 45 jaar oud. Om kort te gaan, grappig is het zeker, maar bruisen doet de voorstelling slechts in beperkte mate. Het script draagt dan ook gewoon iets gedateerd in zich. Al steekt Van Trier er ook wat actualiteit in. Verwijzend naar de dokterssketch waar de Sunshine Boys legendarisch mee werd en die het duo opnieuw moet repeteren voor een tv-uitzending op CBS over de geschiedenis van de comedy, geeft de acteur mee dat die humor van toen toch erg seksistisch was.

Zo was er het A stokje, dat diende om in de keel te kijken van de verpleegster. Het bleek tijdens de repetities niet lang genoeg (een verwijzing naar het mannelijke lid n.v.d.r.) hier wanneer Clark de dokter speelt en Kyoko Scholiers als blonde verpleegster met grote boezem meermaals voorover mag buigen zodat de dokter de ganse tijd haar slipje kan zien. Zij vreest dat ze ‘een borstvalling heeft’ terwijl de dokter eerder aan ‘een pandemie’ denkt. Opnieuw: een toffe vondst. Maar zo mochten er wat ons betreft meer zijn.

Prompt vraagt de dokter in de sketch of de schrijnwerkers kunnen komen om de bureautafel te verlagen. Lewis, die een belastingcontroleur speelt, stelt dan weer dat ie al een afspraak met de verpleegster heeft vastgelegd om vrijdag naar de cinema te gaan. Het kan dan wel zijn dat ze van het Maagdeneiland komt, maar daar terug naartoe keren, zal ze niet, weet hij. Of hoe bepaalde humor een zekere tijdsgeest uitademt en dus ook over de houdbaarheidsdatum kan gaan. Hier is dat niet anders en Van Trier lijkt dat de toeschouwer ook – terecht - te willen meegeven.

In het begin, nog voor de voorstelling begint, tempert hij – en dat is een goede zet – alvast de verwachtingen van het publiek door te stellen dat de acteurs allemaal hun koorts gemeten hebben en dat hij de enige bleek met koorts, plankenkoorts. ‘Dat is het niveau van de moppen vandaag’ zo verzekerde de acteur en toegegeven, achteraf bleek ie gelijk te hebben.

Waas Gramser speelt Ben, de neef van Willy en tevens diens manager. Heerlijk is het moment dat zij Ilegems binnenlaat, hij een hand wil geven en zij de ellenboog uitsteekt. Ook daarin zit de kloof tussen ‘ouderwets’ en ‘modern’ vervat die de Clarks en Al Lewis zo verschillend maken.

Veel aanbiedingen krijgt Willy Clark op het einde van zijn carrière niet meer. Ook niet voor reclame. Hij mijmert naar de tijd, naar 1928 toen hij auditie deed voor een rol als dwerg: ‘Je zag me tenminste staan!’ Die 10.000 dollar die hij samen zou verdienen met Lewis voor die eenmalige tv sketch, wat bijna zo veel als een jaarsalaris is, is dus welgekomen. Hun beider lot zal een home voor gepensioneerde acteurs zijn. Daarin blijkt Al Lewis eerlijk terwijl Clark nog doet alsof ie een rol te pakken heeft en nog lang niet klaar is voor het home (terwijl hij net een hartaanval heeft gehad). Spelen, doen alsof, liegen, acteren in het gewone leven: ook dat zit vervat in dit licht bruisende Sunshine Boys dat ‘Make ‘Em Laugh’ van Donald O‘Connor uit 1948 tussen de scènewissels laat horen. Fijn vertier dus, maar wat ons betreft mocht het bruisender. Dat Ilegems en Van Trier even de slappe lach kregen tijdens onze voorstelling, en uit hun rol leken te vallen, doet ons hopen en vermoeden dat er nog groeimarge is voor deze herneming die in seizoen 20-21 ook in verschillende CC’s te zien zal zijn.

< Bert Hertogs >


Do you like our reviews and pictures?
Feel free to support concertnews.be by sharing this page or giving a donation.
You make an independent website like ours possible. Thanks!







Geef steeds in je comment mee op welk artikel je reageert.
Please put in your comment to which article you are responding.

Tabs Concertnews.be