PDF-versie voor persoonlijk gebruik

Recensie The Painted Bird ★★★★1/2

maandag 21 september 2020Cinema Cartoon s

The

Eros en thanatos. De oerinstincten van de mens en zijn wrede en rauwe maar ook zijn empathische en esthetisch mooie kantjes. Dat toont de Tsjechische regisseur Vaclav Marhou in The Painted Bird. De geverfde vogel staat symbool voor hoe het mensen vergaat die anders zijn dan de meerderheid wat aangetoond wordt wanneer Lekh een wild vogeltje vangt en daar likjes verf op doet en dan vrijlaat. De soortgenoten storten zich op het vogeltje in de lucht en gaan het brutaal te lijf tot het levenloos uit de lucht naar beneden valt.  

In dit geval is Joska (Petr Kotlar), een Joodse jongen die bij zijn tante Marta moet wonen voor zijn veiligheid tijdens de tweede Wereldoorlog in Oost-Europa de geverfde vogel. Al vroeg wordt Joska namelijk met extreme wreedheid geconfronteerd. Wanneer ie achternagezeten wordt door jongeren in de bossen en zij hem en zijn nerts overmeesteren. De nerts steken ze in brand. Het beestje cirkelt in paniek brandend rond en sterft een gruwelijke dood.

Zijn bazige tante meent dat het zijn eigen schuld is, hij had maar niet alleen buiten moeten gaan. Op een dag sterft zij plots in haar voetbadje. Joska durft zijn bed niet uit tot er een dag voorbij is en het alweer donker is. Dan merkt hij dat zijn tante, die hem ook leerde zijn schoenen te poetsen, zijn kleren op te vouwen en nog wat andere klusjes in het huishouden zoals patatten op het vuur zetten, overleden is. Per ongeluk vatten de gordijnen van de houten woning vuur – prachtig in beeld gebracht door Vladimír Smutny – en brandt de woning af.

De manier waarop Smutny daarvoor het huis laat zien met zijn waterput ervoor (wat een knappe esthetische diagonale lijn oplevert in de beeldvoering) maar ook wat een intiem moment hij vangt wanneer de tante de naakte Joska wast, getuigt van puur vakmanschap. Ook de belichting (denken we bijvoorbeeld aan de scène dat Joska op een bed ligt in de slaapzaal van een weeshuis voor jongens) is ronduit prachtig. Soms zegt stilte ook gewoon alles. Wanneer een Duitse soldaat opdracht heeft gekregen om Joska om te brengen en hem te begraven, zitten de twee op een kleine afstand van elkaar op het einde van een spoorweg zonder een woord tegen elkaar te zeggen.

Minpunt van deze 169 minuten durende prent die gebaseerd is op de gelijknamige roman van Jerzy Kosinski uit 1965 is dat ie er een traag verteltempo op nahoudt en eigenlijk een aaneenrijging is van korte scènes die in- en uitfaden. Dat de film opgedeeld is in (soms erg korte) hoofdstukken, genoemd naar het personage of de personages waar Joska bij terecht komt, onderstreept dan wel dat de film literaire wortels heeft, maar daardoor krijg je ook het gevoel naar een optelsom van kleine schijfjes te zien in plaats van een mooi samenhangend geheel dat je emotioneel meesleept. Die twee zaken zorgen ervoor dat de spanningsboog behoorlijk verslapt en je toch met enige afstandelijkheid naar de prent kijkt. De cinematografie is echter dermate boeiend dat je blijft kijken.

Vaak wordt Joska zwaar mishandeld. Dat komt omdat de plattelandsbewoners die hij ontmoet ofwel in hem een Jood zien ofwel een zigeuner, een Painted Bird dus. Het zijn vaak ook erg (bij)gelovige gemeenschappen waarin hij terecht komt. Zo wordt hij verweten dat hij de koeien heeft ziek gemaakt en het water heeft vergiftigd. Veel mensen sterven in de landbouwgemeenschap waar Olga hem onder haar hoede neemt, een wat mysterieuze ‘heler’ die een slang legt op een buik van een vrouw met koorts en een soort sigaret in een oor van een man steekt. Ook Joska wordt ziek en wordt in een put in de grond gegooid met enkel zijn hoofd boven de aarde. ’s Ochtends storten de kraaien zich op zijn hoofd en beginnen hem tot bloedens toe te pikken.

Joska belandt bij een extreem jaloerse molenaar en zijn vrouw. Op een dag lepelt die de ogen van een hulpje eruit omdat er te veel gegeild wordt tijdens het werk en aan tafel tussen de vrouw en het molenaarsknecht. De man wordt zonder ogen buiten gekegeld. Belangrijk is het om stil te staan hoe de molenaar zonder woorden wil aantonen dat ie weet heeft van de ontrouw van zijn vrouw. Hij blijkt een tweede kat aangeschaft te hebben die al meteen op die andere die er al een tijdje is kruipt en begint te copuleren. Kortom: eros en thanatos zijn in een en dezelfde scène aanwezig. Menselijke lusten driften die vaak samenvallen.

Het is ook het geval bij de wilde vrouw Ludmila die seks heeft met jonge knapen in het bos en ook met de oudere vogelverkoper Lekh die wilde vogels vangt. Lekh is verliefd op haar. Tot de plattelandsbevolking ontdekt dat Ludmila seks heeft met hun zonen. Dan wordt ze daarvoor vermoord. Lekh verhangt zich. Joska helpt hem door aan hem te gaan hangen zodat hij wat zwaarder weegt en verkort op die manier zijn lijdensweg.

Wanneer Joska verraden is en opgepakt door de SS ziet hij iemand voor zijn ogen geliquideerd worden. Het bloed spat op de laarzen van de Duitser. De jongen begint meteen met zijn mouw de laarzen schoon te maken. Daardoor ontvangt ie genade en krijgt hij onderdak aangeboden bij een priester die ziek is. Al snel zal hij de jongen dan ook doorgeven aan een gelovige, Garbos, die naar de mis komt. Garbos blijkt echter een sadist en pedofiel die de jongen aan twee haken hangt boven zijn gevaarlijke hond om hem angst te bezorgen zodat hij zeker niet zou gaan klikken in de gemeenschap dat hij zwaar mishandeld wordt met zweepslagen en seksueel misbruikt wordt. Joska slaagt erin om van hem af te geraken door hem in een put met ratten te gooien. Als misdienaar struikelt hij echter op de begrafenisdienst van de oude priester die pas overleden is. Joska wordt door de inwoners in een mestput gegooid als straf.

Labina zal hem daarna tevens seksueel misbruiken. De manier waarop Vladimír Smutny actrice Júlia Vidrnáková in beeld brengt als Labina is ma-gi-straal. Tijdens een scène haalt zij maïs van de maïskolf af op zo’n manier die verwijst naar spelen met een penis. Enkel aan het uiteinde – de eikel zeg maar – zijn er nog enkele maïskorrels aanwezig. Hoewel de jongen toenadering zoekt, wordt hij afgewezen: ‘Je bent nutteloos voor mij’ klinkt het. Later treft hij haar onder een geit aan waar ze seks mee heeft. Joska, die later het ‘oog om oog, tand om tand’-principe zal toepassen bij een antisemitische verkoper door hem koelbloedig neer te schieten - zal het dier ‘s nachts ondersteboven aan een touw optrekken, onthoofden en de kop door het raam gooien.

In de soundtrack horen we onder andere ‘Für Elise’ van Ludwig van Beethoven, ‘Es muss was wunderbares sein’ door Marek Weber and his orchestra & Leo Moll, ‘Black Crow’ en ‘Soul of mine’ van Petr Ostrouchov, dat laatste ook met Tomas Nanak, de traditional folkliederen ‘Song of Maxim’ en ‘A walk in the orchard’, ‘Horchat nai caliptus’ van Naomi Shemer en ‘organ improvisation’ van Vojtech Kouril.

< Bert Hertogs >


Do you like our reviews and pictures?
Feel free to support concertnews.be by sharing this page or giving a donation.
You make an independent website like ours possible. Thanks!







Geef steeds in je comment mee op welk artikel je reageert.
Please put in your comment to which article you are responding.

Tabs Concertnews.be

News
Soon
Reviews

More news

  • Podcast
  • Facebook
  • Twitter